De ezel kan het niet meer trekken

Rest in peace

Alweer wat jaren geleden werd ik op de gang aangesproken door een van onze begeleiders uit het ambulante team. Ze vertelde me dat ze door buren was gevraagd eens aan te bellen bij een bepaald adres. De oude man die er woonde hadden ze al een tijd niet gezien. Toen er geen reactie kwam op het aanbellen en het bonzen op de deur, werd de politie ingeschakeld.

Een man lag in een vervuild huis, ziek op bed. Hij was er slecht aan toe. Na een korte ziekenhuisopname kwam hij bij ons op de verpleegafdeling. Ik ontmoette hem omdat dezelfde begeleider van destijds mij vroeg mee te denken. Om in aanmerking te komen voor hulp was een geldig identiteitsbewijs nodig. De man kwam oorspronkelijk uit Engeland en had een verlopen paspoort. Om dat te verlengen was een digitale overschrijving nodig, Dat kon hij niet, hij was ook administratief ontworteld. De creditkaart van ‘de zaak’ bracht uitkomst en zo ontmoette ik hem in een spreekkamertje samen met de begeleidster achter een computerscherm. Zij spraken Engels. De overschrijving lukte, zijn paspoort kwam en daarmee zijn administratieve bestaan. Hij knapte op maar kon nooit meer zelfstandig wonen.

Voor jaren kwam ik hem tegen in de lift. Hij pendelde tussen de etage waar zijn kamer was en de etage waar de huiskamers waren. Steevast met een stok, aangepaste schoenen en zijn jaren ’70 bril op het puntje van zijn neus, schuifelde hij in en uit. “Good morning” en “have a nice day.” Dat was onze conversatie. Nooit meer, nooit minder. Altijd draaide hij zich even om – wat moeizaam ging vanwege zijn vergroeide rug – keek me aan en knikte. Het leek me een gentlemen die zijn verdriet als een sluier met zich meetrok.

Op een dag was er wat te doen in de tuin van ons hoofdgebouw. Vanuit het raam zag ik enthousiaste medewerkers en vrijwilligers bezig met muziek en lekkere hapjes. Een volkszanger deed zijn best de stemming erin te krijgen. De Engelsman stond er ook. Met zijn kromme vergroeide rug, de grote bril en de stok stond hij daar te zwijgen. Ik maakte een rondje door de tuin, groette hier en daar iemand en wilde net weer weggaan toen een medewerkster al zingend en dansend op hem af kwam. Plotseling kwam zijn stok van de grond en maakte hij zwaaibewegingen, zijn heupen en voeten gingen mee op de muziek. Hij glimlachte van oor tot oor tot grote vreugde van alle aanwezigen. Iedereen zag en voelde het.

Voor even ontdaan van al het verdriet.

Reacties