Previous month:
mei 2011
Next month:
juli 2011

juni 2011

Zilverlicht

Rusteloos loopt hij, met snelle tred, door de gangen, zijn hoofd licht gebogen. Zijn vette, sliertige haren, hangen dun over zijn hoofd. Heel af en toe veegt hij ze naar achteren. Met zijn ene hand, in de andere een shagje. Een magere man, die zijn broek opvallend hoog heeft opgetrokken en met een strakke riem om zijn taille heeft vastgezet. Contact heeft hij niet, zijn ogen kijken naar binnen. Daar is het druk. Zo druk dat hij af en toe even stopt om antwoord te geven op de vragen die zijn stemmen hem stellen. Vreemd dat hij zo bezig is en ik in stilte naar hem blijf kijken wanneer hij halverwege de trap plotseling stilstaat en staat te prevelen. Zijn hoofd schuin, zijn rechtervoet op de ene trede en zijn linker twijfelachtig op de trede er onder. Hij lijkt toestemming te vragen om door te mogen lopen. Na een minuut, zegt hij oké en loopt door. Hij passeert me rechts en is eerder boven dan ik.  ’s Middags tref ik hem bij het koffieapparaat. Terwijl hij drie zakjes suiker leegt in het bekertje en hardop aan het praten is, groet ik hem. “Hallo hoe is het met u?” Hij maakt zijn verhaal af, draait zijn hoofd om en zegt “prima hoor” en loopt al roerend in zijn bekertje weer in zichzelf pratend de gang op. Gewend dat zijn verhalen voor ons onhoorbaar zijn. 

Op weg naar huis maak ik nog even een praatje met een andere bewoner. “Ik heb veel broers en zussen en ook twee kinderen maar ik zie ze nooit meer, ook de  kleinkinderen niet. En dat is jammer hoor want mijn dochter heeft erg mooi haar, er straalt zilverlicht van af. Ik heb gelukkig wel een foto van toen ze klein was.” Zijn tong blijft rusteloos heen en weer bewegen in zijn mond. Zijn woorden zijn op. De mijne ook.

(column in Haags Straatnieuws juni 2011)