Bamboechinno
De Blinde Kat

Niet te netjes anders blijven ze..

Jaren geleden sprak ik een medewerker. Slechts enkele maanden werkte ik in de wereld van de maatschappelijke opvang. Mijn trap der verbazing bleek wekelijks nieuwe treden te hebben. De instelling, de mensen die er werkten, woonden, langskwamen, de mensen waarmee we samenwerkten, het leek steeds meer op de achterkant van - een met veel huisvlijt in elkaar gezette - borduurlap vol met symbolen, letters en merktekens. Een raadselachtige wereld in het schemerlicht. Dit keer sprak ik me verbazing uit over de kwaliteit van de inrichting van de voorziening waar zij werkte. Het waren geen beste tijden maar om nu cliënten te laten slapen op – haastige op maat gesneden – schuimrubberen blokken en te laten zitten in met rook vernevelde slecht verlichte ruimtes waarin kapotgesneden plastik bankstellen om voorrang vochten om te worden besprongen en met sigarettenpeuken te worden getatoeëerd, ging mij toch wel aan het hart. Handdoeken waren krijgertjes of meegenomen door medewerkers, lakens kapot en vuil en men at van plastik borden. Ruimte om even rustig te praten was er nauwelijks; de straat was ook binnen.

Nadat ze me aangehoord nam ze een teug van haar filtersigaret, zoog verse lucht langs de brandende tabak haar longen in, blies de rook de ruimte in en antwoordde zelfverzekerd: "nou, het moet natuurlijk niet te mooi worden, anders willen ze niet meer weg." En weer voelde ik een nieuwe trede onder mijn voeten zich aandienen. Haar woorden werden - met de stelligheid van Luther - op een hersendeur vast gespijkerd. Later, toen we wat meer investeerden in het woon- en leefklimaat, lachte ze me wel eens toe wanneer er weer eens wat kapot was gemaakt. Ze lachte haar gelijk en eerlijk is eerlijk, een glimlach kan betoverend werken.

Maar zoals het gaat met betoveringen, niet voor lang.

 

Reacties