Previous month:
april 2010
Next month:
juni 2010

mei 2010

Inzicht geeft uitzicht

Landgoed Te Werve

Maandag was ik op het Landgoed Te Werve in Rijswijk. Voor de buitenstaanders: een prachtige plek met water, bosschages, oude bomen, een duiventoren, grind en - een enigszins aangetast door de tijd - een wit hoofdgebouw. Ik was daar niet alleen. Met zo'n 35 mensen van (de gastheer) woningcorporatie Staedion en tal van maatschappelijke samenwerkingspartners. Staedion wilde antwoorden op de vraag: hoe houden we de voorzieningen op peil in de (kwetsbare) wijken terwijl er bezuinigd gaat worden? Deze corporatie wil inzicht, inzicht in de samenleving waar zij een belangrijke functie vervult. Ze verhuren en bouwen er namelijk woningen. En inzicht geeft uitzicht (Joop den Uil). Om die reden zeker een goed initiatief en ook serieus zoals de bestuurder van Staedion ons dan ook vriendelijk maar serieus voorhield tijdens zijn welkom.

Den Haag is verwend met mensen die uit met onvervalste puurheid een boodschap kunnen overbrengen. Hoe de inhoud van de boodschap ook is, de vorm speelt er altijd een belangrijke rol in. Naast Erica Terpstra hebben we namelijk ook onze 'eigen' ex-wethouder en ex-staatssecretaris Jetta Klijnsma. Beide iconen zitten wat ruim in de tijd momenteel (hoewel Erica geloof dagelijks wordt geridderd) maar Jetta was gevraagd en bereid de aftrap te verrichten. En aftrappen kan dan deze 'kanjer', met elan en een eigen geschreven speech zette ze de toon.

"Waar zijn toch die bekende buurtbewoners gebleven die in het stadhuis luidkeels hun zaak kwamen verdedigen? En spreken we mensen wel aan op hun eigen kracht en organiseren we niet te veel voor ze? Wat doen jullie als 'stutten' in de maatschappij, hoe pakken jullie de uitdaging op? Gaan we decentraal werken en houden we daarbij ook centraal alles (formatief) vast of snijden we daar ook in de kosten?" Ook ging de hand in eigen boezem. "De overheid kan er ook wat van als het gaat om geld uitgeven", sprak zij met een licht ironische toon. "En ook de gemeente Den Haag kan zich nog wel eens afvragen of het allemaal niet wat kleiner kan."

En daar gingen we, trap af, richting de eetzaal waar we in tafels waren ingedeeld. Onze tafel had zich – met enige overmoed – gewaardeerd als tafel één. We moesten aan de slag. Tja daar zaten we dan; vijf mannen (organisaties) die elkaar wel herkennen maar eigenlijk niet kennen. Een belangrijke conclusie volgens ons. We tafelen, vergaderen, mailen en lezen elkaars jaarverslagen maar gaan vaak op in de deels door ons zelf georganiseerde drukte. De burgers van Den Haag kennen ons wel en gaan er vaak van uit dat wij elkaar ook kennen. Dat het logisch is dat wanneer een buurtconciërge een huurder in problemen tegenkomt even kan bellen met een collega van Welzijn, van de Kessler Stichting, het stadsdeelkantoor, de schuldhulp, de wijkagent of met iemand van een andere instelling waar de huurder hulp en begeleiding van krijgt. Helaas het is anders. We zijn vreemden geworden terwijl we schouder aan schouder dezelfde voordeur proberen in te gaan om de allerzwaksten met goede bedoelingen te helpen maar we jagen ze soms de stuipen op het lijf en bereiken in veel gevallen het tegenovergestelde van wat we willen.

Tafel één kwam tot deze aanbevelingen: Geen vervreemding maar contact, geen concurrentie maar samenwerking. "Geen gelul maar poetsen" om maar eens een collega te citeren. "Beter af en toe achteraf om vergiffenis vragen dan vooraf om toestemming" is ook een citaat dat mij te binnen schoot. We doelden natuurlijk op ondernemerschap maar in het huidige Rooms Katholieke klimaat viel dit citaat, toen ik het plenair ter berde bracht, plots in een heel ander kader. Hetgeen mij verbaal enigszins deed wankelen. Gelukkig kon ik mij beroepen op mijn hernia en vond houvast op de stoel die voorzichtigheidshalve had mee geschoven.

Alle zes de tafels proclameerden hun oplossingen. De bestuurder van Staedion werd bedankt en bedankte ons en zette Jetta in de bloemen. Zij verraste ons gelukkig nog met een hartversterkende opmerking "er moet gesneden worden in de kosten maar aan de jongeren onder jullie: het waait weer over hoor en dan schijnen er weer duizenden sterren aan de hemel.". De enige jongeren die ik zag waren de jongens en meisjes van de bediening maar die waren professioneel doof en deden onverstoorbaar hun werk. Wij vermoedelijk vandaag en morgen ook weer. Of mannen van tafel één..zullen we echt iets praktisch doen? En de woorden die in de Rijswijkse hemel hangen inademen en uitvoeren? Of zijn wij ook professioneel doof?

 

 

 


“Orde en chaos”

Waarom weet ik nog niet maar een paar keer per week zetten de mannen die de vuilcontainers komen legen bij de locatie waar ik mijn kantoor heb, de lege containers voor het hek terug. Een hek dat toegang verleent tot de parkeerplaats en de binnentuin. Misschien is het desinteresse of zou het een verzetsdaad van de mannen zijn? "Zet maar lekker zelf je lege container terug, wij hebben hem immers al voor je geleegd." Ach, ik zet ze opzij en rij naar binnen. Waar zeur ik over.

Daar binnen is het terrein van een van de vijftig bewoners, laat ik hem Karel noemen. Karel heeft een meer dan normale aandacht voor de containers, hij is er druk mee. Waarmee is me niet helemaal duidelijk, ze moeten vooral recht staan geloof ik. Orde in de wereld van chaos. Karel houdt sowieso van orde. Hij trekt zo zijn eigen routes en groet mij meerdere malen per dag. Voor-voor en achternaam. Nooit los van elkaar altijd in elkaars verlengde, al komt hij me 10 keer tegen. Orde. Ons contact blijft tot deze stilzwijgende afspraak beperkt, al meer dan twee jaar. Totdat hij vorige week mijn kamer in kwam. Dat ik daar met iemand zat te praten was geen hindernis voor hem. Er was iets belangrijks. "Ik wil meer zakgeld, ik krijg maar € 20,-- en dat is natuurlijk veel te weinig", begon hij. Mij gesprekspartner die haar verbazing professioneel onderdrukte, bleef geamuseerd kijken naar het vervolg van gesprek. "Het moet omhoog naar € 40,--, er staat genoeg op de bank, dussuh..". Hij noemde de hoogte van zijn totale tegoed en lachte zijn tanden bloot toen ik hem vroeg of hij dat niet nodig had voor de aanschaf van een nieuwe auto. "Nee, dat is verleden tijd, vroeger had ik een motor", ik knikte begrijpend toen Karel er nog een onverwachte toevoeging bij deed. "En mijn vrouw is dood, dus, ja".

Met een dergelijk motief had ik geen rekening gehouden en beloofde hem zijn verzoek aanhangig te maken. Bij die lange van hiernaast" hoorde ik mezelf zeggen. Helemaal fout om mijn collega zo te duiden maar voor Karel was dat het signaal mijn kamer te verlaten. De deur dichttrekkend en mijn namen onder dankzegging voluit uitsprekend piepte hij "maak er dan maar € 45,-- van". Ik legde aan het eind van de dag een kladblaadje met de daarop met viltstift geschreven tekst: Karel € 20 --- € 45,-- op de kamer van mijn collega. De volgende dag liep ik 's middags door de gang, Karel spotte me en haalde zijn schouders omhoog. Ik bedacht me dat ik mijn collega geen verdere uitleg had gegeven behoudens een kladje op haar buro maar riep toch met vanzelfsprekende verzekerdheid: "Die lange zit boven, je kan het met haar bespreken". Aan het eind van de dag keerde ik terug, enigszins uit het lood van een bespreking in het stadhuis. Nog verdoofd van deze Alice in Wonderland ervaring, liep ik naar boven en keek recht in de ogen van mijn collega. Ze is inderdaad lang maar kort van stof. Het was geregeld met Karel en zij en de teammanager konden de lol ervan in zien. Gelukkig. Karel groette me die avond niet anders dan anders. Orde. Ik stapte in, draaide mijn raampje nog eens open (ook een Karel ritueel), wenste hem een fijne avond en zag voor het eerst een motorrijder in Karel, een zijspan denk ik.