BramBlogt: Ben ik in beeld?
Betje Big

Zwembad zonder badmeester

Zojuist ben ik gefilmd door een crew van TVDenHaag voor het programma Den Haag Frontaal. Een programma waar onderwerpen langskomen die te maken hebben met de zogenaamde Kracht- Pracht of zoals u wil Vogelaarwijken. Of ik even een pittig standpunt wilde roepen; liefst in één minuut. Nadat de senior van de crew mij deelgenoot maakte van zijn ervaringen met mensen die zich ophouden aan de zelfkant van onze samenleving, pakten de twee andere - veel jongere - medewerkers de camera en microfoon (zo'n pluizenbol). "Kan het in de tuin, dan kan het klooster er ook nog mooi op". Eenmaal buiten keken een aantal bewoners me na, ik zag het niet maar voelde bijna die meewarige blik in mijn rug prikken. Een beetje quasi onverschillig zat ik op de leuning van een bankje mijn evenwicht te bewaren en verzonk ik in gedachten. Wat zal ik gaan zeggen? Wat doe ik hier 200 meter van het paleis Noordeinde in een voormalige kloostertuin van een Beschermde woonvoorziening met drie mensen en een camera voor mijn neus, een pluizenbol boven mijn hoofd terwijl zich achter mijn rug een steeds groter groepje bewoners en medewerkers zich verzamelden om het schouwspel te bekijken  en er van mij een statement van een minuut verwacht wordt over iets uit de krachtwijken? Een diepe zucht en 20 lange minuten later stond het erop. In the pocket volgens de senior die met het uiterlijk van een rocker zijn hippe leesbril onder zijn haar schoof en in gedachten al weer verder was. Het statement: gemeente investeer niet alleen in gebouwen waar mensen worden opgevangen maar ook in begeleiding (WMO) om mensen weer te 'leren leven' buiten die instellingen. Anders hebben we 'zwembaden zonder badmeesters', riep ik met een iets te hoge stem en met een zekerheid die mijn onzekerheid over de betekenis van deze metafoor net niet overschaduwde.

Een half uur later riep bewoner Kees op de gang tegen een collega terwijl hij zijn vinger naar mij priemde: "hij wordt een filmster hoor, het is net Fred Astair". In haar glimlach zat berusting naar Kees (hij is doof) en radeloosheid omdat ze niet direct een beeld van good old Fred had. God zij dank, de Fred Astaire in mij heb ik nog nooit ontdekt en dat is, gelet op mijn motoriek zo vreemd niet. Hoe dan ook, de mannen van Tichelaar hebben weer wat om over te praten, binnenkort is Den Haag een beeldspraak rijker en ik kan me koesteren met de gedacht dat er ergens diep van binnen een Fred Astair in mij huist.

Reacties